Een
statutaire bestuurder van een vennootschap, die tevens houder was van een
minderheidspakket aan aandelen in die vennootschap, was ten behoeve van die
vennootschap werkzaam op basis van een overeenkomst van opdracht. Toen de Raad
van Commissarissen de bestuurder ontsloeg wegens tegenvallende resultaten van
de vennootschap, stelde de bestuurder dat hij feitelijk werkzaam was op basis
van een arbeidsovereenkomst. De rechtbank beoordeelde de arbeidsverhouding op
basis van de criteria uit de Deliveroo-uitspraak van de Hoge Raad en kwam
daarbij tot de conclusie dat van een arbeidsovereenkomst geen sprake was.
De vraag is hoe die beslissing
zich verhoudt tot de jurisprudentie van de Belastingkamer van de Hoge Raad als
het gaat om de beoordeling van de verzekeringsplicht ingevolge de
werknemersverzekeringswetten.
Arbeidsrecht Abonnement Plus & Top
Vaktechnisch Overleg
De arbeidsverhouding van de directeur-aandeelhouder
Jaar en kwartaal: 2025, 2e kwartaal
Nummer: 11
Arbeidsrecht Abonnement Plus & Top
Verder lezen?
De bovenstaande tekst is een beknopte versie van het artikel. De volledige inhoud van dit artikel is alleen toegankelijk voor deelnemers aan het Arbeidsrecht Abonnement met een Plus abonnement of Top abonnement.