De instroom in de WIA stijgt,
vooral door een toename van psychische aandoeningen. Oorzaken zijn onder andere
de groeiende werkgelegenheid, de stijgende AOW-leeftijd en de effecten van de
coronapandemie. Er is echter ook een onverklaard deel van de stijging, waar
onderzoek naar wordt gedaan. De minister verwacht eind 2025 meer duidelijkheid
hierover te kunnen geven.
Het UWV staat onder grote druk
door een structureel tekort aan verzekeringsartsen, wat leidt tot oplopende
achterstanden bij sociaal-medische beoordelingen, met name bij WIA-aanvragen. De
minister waarschuwt dat zonder ingrijpen de achterstand kan oplopen tot 100.000
in 2027 en 200.000 in 2030, alleen al voor nieuwe WIA-aanvragen. Ook
wachttijden voor herbeoordelingen, Ziektewet-dienstverlening en
deskundigenoordelen zullen fors toenemen.
Om deze problemen aan te pakken,
heeft de minister een reeks maatregelen aangekondigd. Er wordt verder geïnvesteerd
in sociaal-medische centra, waar taakdelegatie door verzekeringsartsen plaatsvindt.
Ook wordt de 60-plusregeling per 1 september 2025 opnieuw ingevoerd. Deze
regeling houdt in dat werknemers van 60 jaar en ouder een vereenvoudigde
claimbeoordeling krijgen, waarbij geen verzekeringsarts wordt ingezet en waarbij
extra arbeidsdeskundigen worden ingezet. Dit bespaart jaarlijks circa 10.000
beoordelingen. De minister wilde de regeling per 1 januari 2025 niet verlengen vanwege
het buitenwettelijke karakter en het onderscheid naar leeftijd, maar de
regeling wordt nu toch weer opnieuw ingevoerd vanwege de grote druk op het UWV.
Verder wordt het
kwijtscheldingsbeleid van voorschotten op WIA-uitkeringen structureel gemaakt
en wordt gewerkt aan een wettelijke grondslag hiervoor. Ook wordt het praktisch
beoordelen structureel gemaakt: het arbeidsongeschiktheidspercentage wordt dan bepaald
op basis van het inkomen dat iemand verdient. Hierdoor hoeft het UWV jaarlijks
3.000 tot 4.000 beoordelingen minder te doen. Deze maatregel kan echter nadelige
gevolgen voor werkgevers hebben, omdat werknemers hun
arbeidsongeschiktheidspercentage zelf kunnen beïnvloeden door hun loon en
werkgevers geen mogelijkheden hebben om uitkeringen te laten verlagen of
beëindigen terwijl daar wel reden voor kan zijn. Dit kan in strijd zijn met het
evenredigheidsbeginsel en met de eigendomsbescherming van het Europees Verdrag
voor de Rechten van de Mens.
De minister bereidt daarnaast een
wetsvoorstel voor om het oordeel van de bedrijfsarts leidend te maken bij de
toetsing van het re-integratieverslag. Hierdoor kan het UWV geen loonsancties
meer opleggen op basis van kritiek van de verzekeringsarts op het oordeel van
de bedrijfsarts. Dit wetsvoorstel wordt voor de zomer van 2026 verwacht.
Ook zal
het UWV vanaf 1 januari 2026 wettelijke mogelijkheden tot verlenging van de
beslistermijn gaan gebruiken, waardoor deze wordt verlengd van acht naar
zestien weken. Verder wordt onderzocht of de regeling van dwangsommen tijdelijk
buiten werking kan worden gesteld.
Arbeidsrecht Abonnement Plus & Top
Vaktechnisch Overleg
Stand van zaken sociaal-medische beoordelingen UWV en vereenvoudigingen stelsel van ziekte en arbeidsongeschiktheid
Jaar en kwartaal: 2025, 3e kwartaal
Nummer: 1
Arbeidsrecht Abonnement Plus & Top
Verder lezen?
De bovenstaande tekst is een beknopte versie van het artikel. De volledige inhoud van dit artikel is alleen toegankelijk voor deelnemers aan het Arbeidsrecht Abonnement met een Plus abonnement of Top abonnement.