Inhoudingsplicht bij uitbetalingen in verband met het einde van de arbeidsovereenkomst

Uitgavejaar: 2004
Uitgavenummer: 94
Vindplaats: Besluit van de directeur-generaal van de Belastingdienst van 3 augustus 2004, nr. CPP2004/566M

Uitspraak

In een zogenaamd "vraag en antwoord"-besluit heeft de directeur-generaal Belastingdienst namens de Staatssecretaris van Financiën meer duidelijkheid gegeven over de vraag op welke betalingen bij het einde van de arbeidsovereenkomst inhoudingen moeten worden gedaan. In het Besluit is aangegeven dat de voorzitter van de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen heeft aangegeven dat de inhoud van het Besluit ook van toepassing is voor de premieheffing van de werknemersverzekeringen. Uit het Besluit blijkt het volgende.

Schadevergoedingen die de werkgever aan de werknemer betaalt vanwege de beëindiging van de dienstbetrekking, behoren niet tot het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking, zodat daarover geen premies werknemersverzekeringen verschuldigd zijn (wel: loonbelasting). Over nabetalingen in het kader van een eindafrekening van de dienstbetrekking en ook over vergoedingen wegens niet-genoten vakantiedagen zijn wel premies werknemersverzekeringen verschuldigd, uiteraard tot aan het maximum premieloon.

Wettelijke rente over een loonvordering vormt geen loon, zodat daarop geen inhoudingen behoeven te worden gedaan. De rente wordt niet genoten als werknemer, maar als schuldeiser.

Wettelijke verhoging van het loon (door de rechter wegens vertraagde uitbetaling toegewezen op grond van artikel 7:625 van het Burgerlijk Wetboek) is wel loon, waarop loonbelasting en premies werknemersverzekeringen moeten worden ingehouden.

Als de werkgever aan de werknemer proceskosten en buitengerechtelijke kosten van rechtsbijstand (zoals kosten van een advocaat of deurwaarder, maar ook reiskosten, telefoonkosten en portokosten) vergoedt, die de werknemer heeft gemaakt om achterstallig loon uitbetaald te krijgen of om een dreigend ontslag af te wenden, kan die vergoeding belastingvrij geschieden, ook als de werknemer de procedure verliest.


Commentaar

Het Besluit brengt (behalve duidelijkheid) weinig nieuws. Omdat ons over dit onderwerp echter steeds veel vragen bereiken, leek het ons goed toch aandacht aan het Besluit te besteden. Wij zouden aan het bovenstaande nog toe willen voegen dat nabetalingen die plaatsvinden in een kalenderjaar dat gelegen is na het kalenderjaar waarin het einde van de arbeidsovereenkomst is gelegen, uiteindelijk niet leiden tot inhouding van premies, omdat in dat latere kalenderjaar geen gewerkte dagen zijn gelegen (terwijl de premieheffing per gewerkte dag plaatsvindt). Daartoe is dan wel vereist, dat de uitbetaling niet in het eerdere jaar kon plaatsvinden, bijvoorbeeld omdat de werkgever eerst met behulp van een juridische procedure gedwongen moest worden tot betaling over te gaan.



Een reactie plaatsen


Naam: *
E-mailadres: *
Uw reactie:
Neem de code over: *


Reacties


Er zijn nog geen reacties.