Overhevelingstoeslag over ontslagvergoeding?

Uitgavejaar: 1997
Uitgavenummer: 7
Vindplaats: Zie: kantonrechter Rotterdam 15 november 1995, VN 1996/1568, pt. 31

Uitspraak

Een werknemer met een dienstverband van bijna 20 jaar diende bij een reorganisatie af te vloeien. Op grond van het sociaal plan had hij recht op een ontslaguitkering van ƒ 65.637 bruto. Op verzoek van de werknemer wordt deze ontslaguitkering niet aan hem zelf betaald, maar gestort als koopsom voor een stamrecht in de zin van artikel 11 lid 1 onder e van de Wet op de Loonbelasting 1964 (dat wil zeggen: een lijfrente-uitkering). De storting vindt in dit geval niet plaats bij een verzekeraar maar bij een door de werknemer zelf opgerichte stamrecht-B.V., die als verzekeraar fungeert. De werkgever stort het bedrag van ƒ 65.637 op de bankrekening van de stamrecht-B.V. De werknemer vordert vervolgens bij de kantonrechter betaling van ƒ 7.713 aan overhevelingstoeslag, die de werkgever niet heeft betaald.
De kantonrechter overweegt dat het bedrag van ƒ 65.637 een uitkering is ter vervanging van gederfd en nog te derven loon. Indien de uitkering aan de (ex-) werknemer wordt gedaan, dienen daarover dan ook loonbelasting en premies volksverzekeringen te worden ingehouden. De overhevelingstoeslag is op grond van het bepaalde in de Wet Overheveling Opslagpremies verschuldigd door degene die inhoudingsplichtig is ter zake van de premies volksverzekeringen en vormt een compensatie voor het verschuiven sinds 1990 van de AAW/AWBZ-premielast van de werkgever naar de werknemer. De stamrecht-constructie heeft echter tot gevolg dat de betaalde uitkering niet meer als loon of een met loon gelijk te stellen uitkering kan worden beschouwd. Daardoor is de werkgever ten aanzien van de ontslaguitkering niet inhoudingsplichtig en is de werkgever dus ook geen overhevelingstoeslag verschuldigd.


Commentaar

Het maakt voor de uitspraak geen verschil dat de ontslaguitkering niet is betaald aan een "echte" verzekeraar, maar aan een stamrecht-B.V. van de (ex-) werknemer. Het gaat er om dat de werkgever ten opzichte van de ontslaguitkering niet inhoudingsplichtig is als die uitkering met gebruikmaking van de stamrechtvrijstelling wordt betaald aan een verzekeraar of stamrecht-B.V. en dat om die reden ook geen overhevelingstoeslag behoeft te worden betaald. Dat betekent een voordeel voor de werkgever en een nadeel voor de werknemer. Het nadeel voor de werknemer bestaat er in dat de verzekeraar of stamrecht B.V. bij uitkering van de stamrecht-termijnen wel loonbelasting en premies volksverzekeringen zal moeten inhouden en ook overhevelingstoeslag zal moeten betalen. Omdat voor die overhevelingstoeslag geen tegenprestatie is ontvangen, zal dit de aan de (ex-) werknemer uit te keren bedragen verkleinen.



Een reactie plaatsen


Naam: *
E-mailadres: *
Uw reactie:
Neem de code over: *


Reacties


Er zijn nog geen reacties.