Welk loon moet worden doorbetaald tijdens periode van loonsanctie?

Uitgavejaar: 2013
Uitgavenummer: 233
Vindplaats: Kantonrechter Nijmegen 28 oktober 2013, www.rechtspraak.nl, ECLI:NL:RBGEL:2013:4384

Uitspraak

Een werkgever aan wie door het UWV een loonsanctie werd opgelegd wegens het verrichten van te weinig re-integratie-inspanningen moest in het derde jaar van ziekte 70% van het loon doorbetalen, ook voor zover dat hoger was dan 70% van het maximum dagloon.
Bij de werkgever was sinds 2001 een werknemer in dienst als international salesmanager. De werknemer verdiende een loon dat hoger was dan het maximum dagloon, zoals dat geldt voor de werknemersverzekeringen. Op 22 juni 2011 raakte de werknemer arbeidsongeschikt. Tot 31 december 2011 betaalde de werkgever het loon tijdens ziekte volledig door. Vervolgens betaalde de werkgever tot 18 juni 2013 (het moment waarop de eerste 104 weken van ziekte verstreken) 70% van het overeengekomen loon door. Op 5 juni 2013 besluit het UWV aan de werkgever een loonsanctie op te leggen omdat de werkgever niet aan de op hem rustende re-integratieverplichtingen heeft voldaan. Aanvankelijk staakt de werkgever de loondoorbetaling volledig, maar vanaf 15 augustus 2013 betaalt de werkgever met terugwerkende kracht tot 18 juni 2013 70% van het maximum dagloon. De werknemer vordert daarop in kort geding betaling van 70% van het daadwerkelijk overeengekomen loon.
De kantonrechter die als voorzieningenrechter over de zaak moet oordelen overweegt dat de werkgever op grond van het Burgerlijk Wetboek verplicht is tot doorbetaling van 70% van het maximum dagloon en dat in de WIA de mogelijkheid is opgenomen dat het UWV het tijdvak waarin de werknemer recht heeft op loondoorbetaling van de werkgever met maximaal 52 weken verlengt, opdat de werkgever in die periode zijn tekortkomingen ten aanzien van de re-integratie-inspanningen kan herstellen. De kantonrechter is echter van mening dat uit de verwijzing in de WIA naar het Burgerlijk Wetboek niet volgt dat de verplichting van de werkgever gedurende het derde ziektejaar ook beperkt is tot betaling van 70% van het maximum dagloon. De kantonrechter stelt niet te kunnen inzien waarom de omvang van de loondoorbetalingsverplichting in het derde ziektejaar anders zou zijn dan in de periode daarvoor. Het feit dat de werkgever tijdens de eerste twee ziektejaren verzekerd was voor de doorbetaling van 70% van het daadwerkelijk overeengekomen loon, vormt voor de kantonrechter geen reden daar anders over te denken. Hij veroordeelt de werkgever daarom in kort geding tot doorbetaling van 70% van het daadwerkelijk overeengekomen loon, derhalve ook voor 70% van het deel dat het maximum dagloon te boven gaat.


Commentaar

Er valt misschien wat te zeggen voor het standpunt van de kantonrechter voor zover deze geen verschil wil maken tussen de doorbetaling van het loon in het derde ziektejaar en in de periode daarvoor. Waar de kantonrechter echter overweegt dat uit de wet niet volgt dat tijdens de loonsanctieperiode (het derde ziektejaar) 70% van het maximum dagloon dient te worden betaald, slaat de kantonrechter naar onze mening de plank echter mis. De kantonrechter had voor het aannemen van een eventuele verplichting van de werkgever om ook tijdens het derde ziektejaar 70% van het daadwerkelijke genoten loon door te betalen, moeten toetsen aan de vraag of de werknemer er op mocht vertrouwen dat de werkgever ook in het derde ziektejaar meer zou betalen dan op grond van de wet verplicht was. Eventueel had de kantonrechter zijn beslissing ook nog kunnen baseren op goed werkgeverschap. Maar de stelling dat uit de wet (en dus niet uit de CAO, de arbeidsovereenkomst, het gebruik of goed werkgeverschap) iets anders zou kunnen volgen dan dat de verplichting van de werkgever tot doorbetaling van loon tijdens de loonsanctieperiode inhoudt dat 70% van het loon maar maximaal 70% van het maximum dagloon moet worden betaald, is onjuist.



Een reactie plaatsen


Naam: *
E-mailadres: *
Uw reactie:
Neem de code over: *


Reacties


Er zijn nog geen reacties.